Taal

Struikelpartijen over taalkronkels

Peptalk

Soms moet een mens aan zichzelf voorbij gaan. Om iets te bereiken dat buiten handbereik ligt. Liggen kansen daar meestal eigenlijk sowieso niet gewoon binnen maar hield je jezelf te klein? Reikhalzen is veilig maar je bereikt er niks mee. Als je ruimte in jezelf voelt groei dan. Wurm je desnoods uit je krapte.

Fluitend

Hoe ik in elkaar steek ging haar begripsvermogen te boven denk ik nu. Of haar begrip zit gewoon op een andere golflengte. Dat voelt meer plausibel. Jarenlang stemde ze tevergeefs op me af, maar ik zat op een frequentie buiten haar bereik. Dan kan je afstemmen wat je wil, maar je krijgt geen enkel signaal. Niet dat ik die niet uitzond, maar ik deed dat als een merel bij de dageraad. Hoe kan er dan nog verbinding zijn? De merel vertrok.

De merel liet zich een tijdje doelloos meevoeren op de wind maar is toch weer neergestreken. Op het nokje van jouw dak. Hoe ik in elkaar steek voel jij feilloos aan. Bij dageraad zingen we wang aan wang. Verbinden doen wij fluitend.

Voortschrijdend inzicht

Terwijl ik voort ga, concentreert mijn aandacht zich. Naarmate ik meer doorleef wat gebeurde, wordt duidelijk wat wezenlijk is en wat niet. Zo zie ik dat voor me. Al voortschrijdende ben ik steeds beter in staat te zien wat is en hoe ik me daartoe wil verhouden. Inzichten zijn ook net als vruchten. Ze moeten rijpen. Sommige langer dan andere. Misschien worden ze zelfs nooit helemaal rijp. Pluk je inzichten. Beproef onbevangen de rijpheid ervan. Er groeien altijd weer nieuwe. Misschien is dit wel het meest wezenlijke inzicht in het leven. Het besef dat je bloeit en rijpt tot je sterft. Je bent nooit af.

Van harte genuanceerd

De mensheid bestaat natuurlijk uit twee helften. Zij die nuanceren en de rest. Vandaag de dag plaats ik mezelf bij die eerste helft. Alles moet genuanceerd. Nou ja, eigenlijk andersom. Ik ageer fel tegen de absolute absolutist. Met altijd en nooit heb ik een bijzonder moeizame relatie. Mensen die zich louter uitdrukken in termen van altijd of nooit, verdraag ik heel slecht. Ik verdraag ze uiteraard niet niet of nooit. Nuanceren doe ik met heel mijn hart, of beter gezegd, met een zo groot mogelijk deel van mijn hart. En met zowel goed als fout heb ik een haat-liefde-verhouding. Niet dat ik die uitersten niet erken, maar uitersten zijn toch wat ze zijn: uitersten? Alleen in het uiterste geval kom je daar toch op uit? Ik weiger me te beperken tot uitersten. Het is nuanceren of polariseren, en daartussen zit dan ook weer van alles.

Wel beschouwd

Dat je voelt wat je begrijpt.
Dat je bedoelt wat je zegt.
Dat je wil wat je besluit.
Dat je ziet wat je gelooft.
Dat je kan wat je geeft.
Dat je droomt wat uitkomt.
Dat je leest om te blijven.
Dat je maakt dat je terug komt.
Dat je wel doet wat je ziet.
Dat je niet bedenkt wie je bent.