Laatst ging ik een soort van hiken. Of ik droomde dat soort van. Er liep een soort van pad door het bos. Langs het pad stonden van die prehistorische planten of zo, die zich qua vorm zeg maar soort van oneindig herhalen. Een soort van amandelbroodjes. Het juiste woord komt effe niet naar boven. Mijn tong staat een soort van te trappelen om het uit te spreken, maar mijn brein is nog aan het processen. Elk takje is weer een miniversie van die plant zeg maar. Een soort van broccoli maar dan anders. Het pad vertakte zich trouwens een soort van op dezelfde manier. Terwijl ik het pad een soort van volgde kreeg ik een soort gevoel van onrust. Er bekroop me een soort van twijfel of zo. Het is zo’n soort gevoel dat je ook krijgt als je zeg maar niet meer precies weet waar je soort van bent, weet je wel? Daar is ook een soort van woord voor geloof ik. Verdwaasd of zo. In mijn hoofd is het altijd een soort van chaos. Je hersenen zijn eigenlijk ook een soort van broccoli. Ja toch? Ik denk dan goh die planten die er ook waren toen de Dodo’s nog niet uitgestorven waren krullen zich takje voor takje eindeloos uit, zoals broccoli, je weet wel, een soort van groene bloemkool dat me altijd doet denken aan wolken die opstijgen van de zee die trouwens golven maakt die ook eindeloos omkrullen totdat ze op het strand uitrollen terwijl jij kijkt naar de schepen die je in de verte ziet varen. Varens! Wauw! Dat is toch een soort van wonderlijk, hoe het brein werkt? Een soort van organische computer. En als het een bepaald woord niet snel genoeg vinden kan, kan het je toch soort van intelligent laten overkomen door je iets te laten zeggen wat nog net niet helemaal klopt maar daar dan gewoon “soort van” voor te plakken. Waanzinnig toch?