Cynisme
-
Wrevelwoorden
Wroeten is een woord dat qua klank geweldig goed past bij de betekenis ervan. Bij wroeten stel ik me een woest gegraaf met je beide handen voor. Of lekker met je spitse neus, luid snuivend, als je geen handen hebt. Wie wroet is naarstig op zoek naar iets. Wroeten heeft iets groezeligs. Woorden die met… Continue reading
-
De Opticynist
Het leven is mooi. Laat ik dat alvast voorop stellen. Altijd de optimist natuurlijk. Waarschijnlijk is het kenmerkend voor de fase waarin ik mij momenteel bevind, dat sterker waarderen van het leven. Het is een soort bezwering eigenlijk. In deze tweede helft van mijn bestaan zal ik verdomme meer van het leven genieten, zowaar ik… Continue reading
-
Gebeur ik te vergeten
Vlak voor ik in slaap val, kronkelt er vaak een gekke gedachte door mijn hoofd. In mijn geval zijn dat eigenlijk altijd taalkronkels. Daar hou ik namelijk van. Slaperig maak ik vol vertrouwen in het vermogen van mijn op dat moment ook al half slapende geheugen, een mentale notitie om de verwondering te onthouden. Zodat… Continue reading
-
Breek en heel
Laatst brak mijn koffiekan. Aan de buitenkant zag je er niks van, maar te zien aan de plas koffie waarin het koffiezetapparaat stond was er iets mis gegaan tijdens het pruttelen. Ik tilde de koffiekan uit het apparaat. Het rammelde, en dat hoorde hij niet te doen. Zijn inwendige kan was gebroken. Zomaar. En ik… Continue reading
-
Klokslagen
Blijkbaar moeten dingen op gezette tijden gebeuren. Zoals schaften en dineren. De standaard schafttijd is klokslag 12 uur. En “heel” Nederland gaat klokslag 18 uur aan tafel voor het warme eten. Rotsvaste normen. Ook schijnt 11 uur de standaard koffietijd en 16 uur de standaard theetijd te zijn, maar allicht verschillen die normen per regio.… Continue reading
-
De Zen van het scheren
Vanochtend keek een man met een woeste en verwilderde kop mij vanuit de badkamerspiegel aan. Hij had een stoppelbaard van minstens 8 dagen en een wild woekerende bos met grijze haren. Eerst maar eens wat aan die baard doen, dacht ik. Dus ik vulde de wasbak met loeiheet water. Met een dampende washand temde ik… Continue reading
-
Anderhalf
Het woord van dit jaar wordt anderhalvemetermaatschappij óf anderhalvemetereconomie. Hoewel ik principieel tegen gokspelen ben, zou ik mijn geld zetten op de tweede. Als woord vind ik “anderhalf” trouwens heel mooi. Het is een robuust woord dat al eeuwen in onze taal (en andere germaanse talen) wordt gebruikt. Het duidt op de tweede tel en… Continue reading
-
Misschienmoeheid
Buiten, in de natuur, speelt onze crisis totaal geen rol. Of misschien toch. De natuur kan veel ongestoorder z’n gang gaan nu de mensen binnen blijven. De natuur is bij mij om de hoek, dus ik breng het dan af en toe maar een bezoekje. Die natuur heeft geen weet van onze coronacrisis, en dat… Continue reading
-
Slechte timing
Dat uitgerekend nu mijn land in crisis moet verkeren. Dat we uitgerekend nu elkaar op afstand moeten houden. Dat uitgerekend nu het sociale leven volledig moest worden stil gelegd. Dat ik uitgerekend deze tijd uitkies om het uitgaansleven weer te willen vieren. Dat uitgerekend nu mijn hart weer wil dansen. Dat ik uitgerekend nu lentekriebels… Continue reading