Gedicht

Wel beschouwd

Dat je voelt wat je begrijpt.
Dat je bedoelt wat je zegt.
Dat je wil wat je besluit.
Dat je ziet wat je gelooft.
Dat je kan wat je geeft.
Dat je droomt wat uitkomt.
Dat je leest om te blijven.
Dat je maakt dat je terug komt.
Dat je wel doet wat je ziet.
Dat je niet bedenkt wie je bent.

Nu zing jij

Ik hoop dat je de klanken vindt die niemand eerder hoorde
Ik hoop dat je een stem krijgt die nieuwe woorden zingt
Ik hoop dat je akkoorden vindt van een nieuwe orde
Ik hoop dat je mag dichten zonder te hoeven rijmen
Ik hoop dat je boven alle angsten uitgroeit, groter nog

Wat anderen van je denken is wat zíj denken, niet jij

Vroeger zong ik jou in slaap
Die tijd komt nooit terug
Nu vind jij jouw klank
Nu speel jij jouw rustige akkoorden
Nu dicht jij met nieuwe woorden
Nu. Zing. Jij.

(vrije hertaling van het begin van “Stressed out” van Twenty One Pilots)

Leeftijd

Instanties moeten van alles van hem
weten zoals geslacht en leeftijd
de antwoorden staan alvast
streng opgesomd in een harnas
dat niemand precies past

Leeftijd is meer dan alleen de tijd
die verstreek sinds je begon
we lijken immers des te liever
te leven als we even kunnen vergeten
wat tijd ook weer was

Over duister krakend ijs scheert
de schaatser gebogen langs
een kille kraag van morsdood gras
zich een weg banend met ijzeren
wil om nú te voelen dat hij leeft